Sint Walburga

Maastricht

710 na Christus in Zuid Engeland op een groot landgoed een dochter geboren. Haar ouders noemen haar Walburga. De Karolingers zijn wereldlijke vorsten in onze streken, Karel de Grote wordt ten tijde van Walburga’s leven geboren. In Engeland is in die tijd de monnikentraditie zeer sterk, vooral om Gods wil op zwerftocht te gaan in vreemde landen om het Evangelie te verkondigen. Zo trekken de vader van Walburga, waarvan gezegd wordt dat hij de heilige koning Richard was, en haar twee broers Willibald en Wynnibald op pelgrimstocht naar Rome.

home

Walburga is in die periode waarschijnlijk 6 jaar, haar vader sterft onderweg naar Rome. Zoals in die tijd gebruikelijk, wordt Walburga vanaf haar zevende jaar opgevoed in het Benedictijnenklooster Wimborne. Het staat vast dat ze van haar broer Willibald gehoord heeft over zijn werk in Zuid-Duitsland. Op verzoek van de heilige Bonifacius vertrekt zij ook naar Zuid-Duitsland, waar ze tussen 740 en 750 aankomt. Vermoedelijk heeft ze daar haar intrek genomen in een klooster bij de Engelse abdis Lioba. Haar broer Wynnibald heeft inmiddels een Benedictijnenklooster gesticht in Heidenheim. Wanneer deze in 761 overlijdt, neemt Walburga zijn taak over, met haar komen andere Engelse nonnen naar Heidenheim, zodat naast de monnikengemeenschap ook een nonnengemeenschap ontstaat.

Walburga is abdis over beide conventen, een positie waarin ze het niet gemakkelijk heeft gehad. Met vrij grote zekerheid is vast te stellen dat Walburga een zachtmoedig karakter had. Ze was bescheiden, geduldig en godsvruchtig. Haar aangedaan onrecht verdroeg ze; ze trachtte te verzoenen. Ze wist een sfeer te scheppen van openheid en ruimte waarin ieder zijn eigen talenten kon ontplooien. Zelf hield ze zich strikt aan de regels van Benedictus, ze besteedde haar tijd aan gebed, meditatie, studie en het doen van goede werken vooral voor de armen. Aangenomen wordt dat Walburga overleed op 25 februari 779, waarna haar broer bisschop Willibald haar taak overneemt. Walburga is in Heidenheim begraven.

 

logo600

Walburga olie:

Geschriften uit de 11e eeuw beschrijven al de oliestroom uit de sarcofaag waarin het gebeente van de heilige Walburga wordt bewaard. Door klimaat invloeden wordt in bepaalde jaargetijden het vochtigheidsgehalte van de lucht in de sarcofaag zo hoog dat zich op de bodem druppels vormen. Via een schacht onder de sarcofaag wordt dit vocht opgevangen. Aan dit vocht wordt een genezende kracht toegeschreven. Gezien de geschriften uit die tijd was men goed op de hoogte van dit natuurgebeuren, wonderen betekenden geen bovennatuurlijke gebeurtenissen, maar waren op de eerste plaats tekenen van de werken Gods. Voor de mensen in die tijd openbaarde God zich via de natuur door de werken van de mensen.